Titel 1 : Leden van de Orde 
HOOFDSTUK 1: INSCHRIJVING OP EEN LIJST VAN STAGIAIRS – NATUURLIJKE PERSONEN
Artikel 1: Bevoegde Raad van de Orde
Eenieder die verlangt ingeschreven te worden op een lijst van stagiairs, richt zijn aanvraag schriftelijk aan de raad van de Orde van de provincie waar de zetel van de bedrijvigheid van het lid van de Orde bij wie hij zijn stage wil volbrengen, gevestigd is.
Is de stagemeester in het buitenland gevestigd, dan wordt de bevoegdheid van de raad van de Orde bepaald overeenkomstig artikel 9 van het stagereglement (Koninklijk Besluit van 13 mei 1965).
Artikel 2: Dossier van de aanvraag
§ 1. De aanvraag om inschrijving op een lijst van stagiairs moet vergezeld zijn van een volledig dossier in te dienen bij de raad.
§ 2. Het dossier is slechts volledig wanneer het alle documenten bevat die vereist worden door het stagereglement:
1. Het ingevulde en ondertekende formulier van aanvraag om inschrijving;
2. De drie exemplaren van het stagecontract;
3. De documenten die vermeld worden op het formulier van aanvraag om inschrijving;
4. Wanneer het diploma is afgeleverd door een buitenlandse onderwijsinrichting, en niet in het Nederlands of het Frans is gesteld, dient er een gelijkvormig verklaarde vertaling aan toegevoegd;
5. Wanneer er geen diplomatieke overeenkomst tot wederzijdse erkenning van diploma's bestaat, dient er een afschrift aan toegevoegd van de beslissing waarbij de gelijkwaardigheid van het diploma met het Belgische diploma van architect wordt bevestigd.
§ 3. Vreemdelingen moeten bovendien een afschrift voorleggen van het Koninklijk Besluit waarbij de aanvrager machtiging wordt verleend zich in België als architect te vestigen, dit voor het geval hij zich niet kan beroepen op een verdrag of op een diplomatieke overeenkomst van wederkerigheid.
Artikel 3: Stage in het buitenland
Wanneer iemand toestemming vraagt om zijn stage in het buitenland te volbrengen, onderzoekt de raad van de Orde de aanvraag enkel wanneer hij beschikt over alle gegevens op grond waarvan hij de bevoegdheid en de beroepseer van de voorgestelde stagemeester kan nagaan en oordelen of deze dezelfde waarborgen biedt als die welke in België vereist zijn om als stagemeester op te treden.
Indien nodig wordt de aanvrager verzocht alle beoordelingsgegevens die in het dossier ontbreken te verstrekken.
HOOFDSTUK 2: INSCHRIJVING OP EEN TABEL VAN DE ORDE
SECTIE 1: NATUURLIJKE PERSONEN
Artikel 4: Bevoegde Raad van de Orde
Eenieder die verlangt op een tableau van de Orde te worden ingeschreven, richt zijn aanvraag schriftelijk aan de raad van de Orde van de provincie waar hij de zetel van zijn beroepsbedrijvigheid wil vestigen of waar hij zijn beroep als architectambtenaar of als architect-bezoldigde wil uitoefenen.
Dit geldt eveneens voor hen die het beroep van architect wensen uit te oefenen in het kader van een vennootschap of vereniging. De bevoegde raad is in dit geval deze waar de maatschappelijke zetel gevestigd is.
De raad van de Orde waarbij de aanvraag wordt ingediend kan, om zijn eigen bevoegdheid vast te stellen, bij de aanvrager alle nuttige inlichtingen inwinnen.
Artikel 5: Dossier van de aanvraag
§ 1. De aanvraag om inschrijving op een tableau van de Orde moet gestaafd worden door een volledig dossier, neer te leggen bij de raad.
§ 2. Het dossier moet onder andere bevatten:
1. Een behoorlijk gedagtekende en ondertekende aanvraag;
2. Het stagedossier dat, buiten de stukken vermeld in artikel 2, het stagegetuigschrift bevat of de beslissing van vrijstelling van stage.
Artikel 6 : Beslissingstermijn
Krachtens artikel 17 § 1 van de wet van 26 juni 1963 beschikt de raad over een termijn van dertig dagen vanaf de overlegging van een volledig dossier om de beslissen over de aanvragen van architecten natuurlijke personen tot inschrijving op de tabel of tot verlening van de machtiging zoals voorzien in artikel 8, tweede alinea, van de wet van 26 juni 1963.
SECTIE 2 : RECHTSPERSONEN
Artikel 7 : Bevoegde Raad van de Orde
In toepassing van artikel 7, eerste alinea, van de wet van 26 juni 1963 richt elke rechtspersoon die ingeschreven wenst te worden op de tabel van de Orde zijn schriftelijke aanvraag aan de raad van de Orde van de provincie waar hij van plan is zijn zetel te vestigen.
De raad van de Orde waarbij de aanvraag wordt ingediend kan, om zijn eigen bevoegdheid vast te stellen, bij de aanvrager alle nuttige inlichtingen inwinnen.
Artikel 8 : Dossier van de aanvraag
§ 1. De aanvraag om inschrijving op een tableau van de Orde moet gestaafd worden door een volledig dossier, neer te leggen bij de raad.
§ 2. Het dossier moet onder andere bevatten: Te vervolledigen
Artikel 9 : Beslissingstermijn
Krachtens artikel 17 § 1 van de wet van 26 juni 1963 beschikt de raad over een termijn van drie maanden vanaf de overlegging van een volledig dossier om de beslissen over de aanvragen van architecten rechtspersonen tot inschrijving op de tabel of tot verlening van de machtiging zoals voorzien in artikel 8, tweede alinea, van de wet van 26 juni 1963.
HOOFDSTUK 3: BEPALINGEN GELDEND VOOR DE AANVRAGEN OM INSCHRIJVING OP EEN TABLEAU VAN DE ORDE OF OP EEN LIJST VAN STAGIAIRS
Artikel 10 : Ontvangstmelding
Wanneer de raad van de Orde in het bezit is van een aan vraag om inschrijving op een lijst van stagiairs of op een tableau van de Orde, wordt aan de aanvrager ontvangst gemeld. De raad doet tevens opgave van de eventueel ontbrekende stukken en verzoekt de aanvrager deze aan de raad van de Orde over te maken binnen de dertig dagen vanaf de datum van zijn aanvraag om inschrijving.
Artikel 11 : Inschrijving op het tableau en op de lijst van stagiairs
§ 1. De leden van de Orde worden op de lijst van stagiairs of op het tableau ingeschreven op de datum waarop gunstig beschikt werd over hun aanvraag.
Wanneer verscheidene leden op een zelfde vergadering van een raad van de Orde worden aangenomen, wordt de anciënniteit bepaald naar de datum van het behalen van hun diploma en, bij gelijkheid van datum, naar hun leeftijd.
§ 2. Voor het bepalen van de anciënniteit wordt voor de leden van de Orde die kennelijk hun beroep hebben uitgeoefend vóór het in werking treden van de wet van 26 juni 1963, rekening gehouden met de vroegere perioden van beroepsuitoefening vóór hun inschrijving op een tableau van de Orde, zoals voorgeschreven in artikel 61 van die wet.
Voor de periode vóór het van kracht worden van de wet van 20 februari 1939 kan een verklaring op erewoord worden geëist, ongeacht enig ander bewijsmiddel.
§ 3. Wanneer een lid van de Orde zijn inschrijving in een andere raad verkrijgt, wordt het ingeschreven met inachtneming van de anciënniteit die het bij de voorgaande raad had verworven.
Artikel 12 : Administratieve procedure
Telkens de raad beraadslaagt over een vraag om inschrijving op zijn tableau of op zijn lijst van stagiairs, over een vraag om machtiging om bij gelegenheid het beroep uit te oefenen, of over een verlenging van stage, gebeurt dit mits toepassing van de beschikkingen voorzien inzake de voor tuchtstraffen geldende regels (artikel 24 en volgende van de wet van 26 juni 1963).
HOOFDSTUK 4: TABELLEN EN LIJSTEN VAN STAGIAIRS VAN DE ORDE
Artikel 13 : Bijhouden van het tableau en van de lijst van stagiairs van de Orde
De tabel en de lijst van stagiairs van de raad van de Orde worden bijgehouden met inachtneming van de nieuwe inschrijvingen, de mutaties, de weglatingen, de sterfgevallen en de schrappingen.
De Nationale Raad wordt maandelijks door de raad van de Orde op de hoogte gehouden van de wijzigingen die aan het tableau en aan de lijst van stagiairs worden aangebracht.
Artikel 14 : Publicatie van de tabel
Krachtens artikel 38, 9° van de wet van 26 juni 1963 is de Nationale Raad beslast met het publiceren op haar internetsite, niet van de volledige tabel, maar wél van de lijst van de architecten, ingeschreven op één van de tabellen van de Orde of op de lijst van stagiairs, die gerechtigd zijn om het beroep van architect uit te oefenen, en derhalve voldaan hebben aan de verzekeringsverplichting en niet getroffen zijn door een definitieve tuchtbeslissing van schorsing, en die in regel zijn met hun bijdrage.
Artikel 15 : Gevolgen van een maatregel van schorsing of van schrapping
§ 1. Wanneer een lid van de Orde geschorst is, blijft het ingeschreven op het tableau of op de lijst van stagiairs.
Wanneer een persoon geschrapt wordt, is hij niet langer ingeschreven op het tableau of op de lijst van stagiairs.
§ 2. Een geschrapte persoon wordt, bij wederinschrijving, in anciënniteit teruggezet, rekening houdend met de duur van de schrapping.
Artikel 16 : Overgang
Elk lid van de Orde dat de zetel van zijn beroepsbedrijvigheid overbrengt binnen het rechtsgebied van een andere raad, of de stagiair die zijn stage wil voortzetten bij een stagemeester van een andere raad, moet per aangetekende brief zijn inschrijving vragen op het tableau of op de lijst van stagiairs gehouden door de raad van de Orde waarvan hij voortaan zal afhangen.
Tezelfdertijd moet het lid aan de raad waarbij het ingeschreven is, per aangetekende zending kopie bezorgen van voormelde aanvraag om inschrijving. Deze laatste raad neemt nota van de aanvraag tot overgang alvorens het dossier van betrokkene, vergezeld van een omstandige nota, zo vlug mogelijk over te maken aan de raad waarbij het lid wenst ingeschreven te worden. Hij zal in geen geval het lid van zijn tableau of van zijn lijst weglaten vooraleer hij vanwege de nieuwe raad bericht heeft ontvangen dat de aanvrager aldaar werd ingeschreven.
Van zijn kant neemt de nieuwe raad geen enkele beslissing met betrekking tot de aanvrager, alvorens het voormelde dossier met aangehechte nota te hebben ontvangen.
Artikel 17 : Weglating
Het lid van de Orde dat verlangt van het tableau of de lijst van stagiairs te worden weggelaten, moet zulks bij aangetekende brief aanvragen. De weglating heeft uitwerking vanaf de datum van de beslissing, tenzij de raad er anders over oordeelt. Het weggelaten lid wordt van de beslissing per aangetekende brief ingelicht. Wanneer een van het tableau of van de lijst van stagiairs van de Orde weggelaten persoon zijn wederinschrijving bekomt, wordt voor de bepaling van zijn anciënniteit rekening gehouden met de duur van zijn weglating.
Artikel 18 : Opschorting
De vraag tot overgang of tot weglating wordt opgeschort, zolang een tuchtprocedure tegen de betrokkene aanhangig is.
Artikel 19 : Repertorium van de leden van de Orde
Elke raad van de Orde houdt van elk lid van de Orde, voor zover het om een natuurlijk persoon gaat, de volgende inlichtingen bij:
naam, voornamen, datum en plaats van geboorte;
nationaliteit;
woonplaats;
adressen en telefoonnummers van de zetels van zijn beroepsactiviteit als architect, met aanduiding van de hoofdzetel van zijn activiteit;
diploma;
wijze waarop hij zijn beroepsbedrijvigheid uitoefent (als zelfstandige, als bezoldigde of als ambtenaar);
Gegevens betreffende de beroepsaansprakelijkheidsverzekeringsdekking.
vereniging, vennootschap of administratie waarbij hij zijn beroep uitoefent;
de tuchtstraffen waarvoor geen eerherstel werd bekomen.
Het repertorium is van vertrouwelijke aard, maar kan door betrokkene steeds geraadpleegd worden voor wat hemzelf betreft.
Elke raad van de Orde houdt van elk lid van de Orde, voor zover het om een rechtspersoon gaat, de volgende inlichtingen bij:
Ondernemingsnummer,
Exacte naam van de vennootschap,
Rechtsvorm,
Datum van het verzoek tot goedkeuring van de statuten of van hun wijziging,
Datum van goedkeuring van de statuten door de Provinciale Raad,
Datum van neerlegging van de statuten ter griffie,
Datum van publicatie van de nieuwe/gewijzigde statuten in het Staatsblad,
Datum van de beslissing van de Provinciale Raad tot inschrijving op de tabel,
Maatschappelijke zetel,
Actieve zetel,
Gegevens betreffende het aandeelhoudersschap,
Gegevens betreffende de bestuurders,
Gegevens betreffende de beroepsaansprakelijkheidsverzekeringsdekking,
De tuchtstraffen waarvoor geen eerherstel werd bekomen.
Artikel 20 : Eretitels
§ 1. Erearchitect
De raden van de Orde kunnen de titel van erearchitect toekennen aan de leden van de Orde die zij van hun tableau eervol hebben weggelaten aan het einde van hun beroepsloopbaan van architect, en die gedurende minstens 15 jaren het beroep met eer hebben uitgeoefend.
§ 2. Erevoorzitter (van de Raad van de provincie .../ van de Nationale Raad)
De titel van erevoorzitter van de Raad van de Orde van Architecten van een provincie of van de Nationale Raad wordt van rechtswege toegekend aan iedere gewezen voorzitter die:
tenminste een mandaatstermijn van voorzitter volledig heeft vervuld en aan het einde van zijn beroepsloopbaan eervol van het tableau wordt weggelaten en bij die gelegenheid van zijn Raad de titel van erearchitect heeft ontvangen.
§ 3. Gemeenschappelijke bepalingen
a) De erearchitecten en erevoorzitters mogen van deze titel geen gebruik maken bij de uitoefening van een beroep dat onverenigbaar is met het beroep van architect.
b) De raden van de Orde kunnen de titel van erearchitect die zij hebben toegekend ontnemen aan diegene die de voornoemde verbodsbepaling sub. a) overtreedt, of die deze eretitel niet langer waardig wordt geacht.
Een beslissing om de titel van erearchitect te ontnemen, kan slechts nadat aan de betrokkene de kans geboden werd te antwoorden op de grieven die de Raad ten aanzien van hem formuleert.
De beslissing om de titel van erearchitect te ontnemen heeft automatisch het verval van de titel van erevoorzitter tot gevolg.
c) De toegekende titels van erearchitect en van erevoorzitter vervallen van rechtswege wanneer de betrokkene de uitoefening van het beroep van architect in België of in het buitenland hervat.
