Deontologische Regel van 31 maart 1992 betreffende de deelneming van de architect aan een vennootschap van onroerende diensten (V.O.D.)

Onderhavige deontologische regel werd opgesteld in toepassing van de artikelen 10, 2°, b en 11 van het reglement van beroepsplichten, goedgekeurd bij koninklijk besluit van 18 april 1985, die bepalen:
- art. 10, 2°, b: “Overeenkomstig de door de Orde vast te stellen aanbevelingen, en op voorwaarde dat hij zijn onafhankelijkheid behoudt, mag de architect onder meer met een aannemer deelnemen aan een vennootschap van onroerende diensten, waarvan de statuten voorafgaandelijk door de Raad van de Orde moeten goedgekeurd worden; hij houdt daarbij rekening met de bepalingen van artikel 11”;
- art. 11: “De architect mag de bij artikel 10 als onverenigbaar aangemerkte handelingen niet rechtstreeks en evenmin onrechtstreeks of bij tussenpersoon verrichten".

Art. 1 Voorwerp van de vennootschap van onroerende diensten

Een vennootschap van onroerende diensten kan onder meer tot voorwerp hebben activiteiten inzake de studie, het opmaken, ontwikkelen en uitwerken van vastgoedprojecten, het architecturaal en technisch onderzoek, milieu- en effectstudies, technische controles en beheer van gebouwen.
De vennootschap van onroerende diensten kan niet het aannemen van openbare of privé-werken of de gewoonlijke verkoop van onroerende goederen tot voorwerp hebben.

Art. 2 Algemene bepalingen

De deelname van één of meer architecten aan een vennootschap van onroerende diensten (V.O.D.) is toegelaten mits naleving van onderhavige deontologische regel en onder de volgende voorwaarden:
1° de vennootschap moet rechtspersoonlijkheid bezitten, die verschillend is van die van haar vennoten;
2° ze moet tot doel hebben activiteiten te verrichten die – zij het gedeeltelijk – objectief verband houden met het beroep van architect;
3° de activiteiten van de vennootschap van onroerende diensten dienen verenigbaar te zijn met de eer, de discretie en de waardigheid die de leden van de Orde van architecten moeten in acht nemen;
4° de benaming van de vennootschap van onroerende dien, sten mag geen naam bevatten van een architect of een architectenvereniging en evenmin van een promotor of aannemer.

Art. 3 Vereisten te doen naleven door de vennootschap van onroerende diensten zelf

Een architect kan vennoot zijn of blijven in een vennootschap van onroerende diensten, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
1° de vennootschap verleent hem bevoegdheid om deel te nemen aan haar beheer (mandaat van bestuurder, zaakvoerder, gedelegeerd bestuurder, enz.);
2° de vennootschap bepaalt de functies en taken van alle “actieve” vennoten in een schriftelijk document, dat bij elke wijziging steeds wordt bijgewerkt;
3° de vennootschap eerbiedigt de wettelijke, reglementaire en deontologische bepalingen betreffende het beroep van architect, alsook de verbintenissen die ze dienaangaande in haar statuten heeft aangegaan.

Art. 4 Bijzondere plichten van de architect

§ 1. 
Plichten van de architect, “actieve” vennoot:
De architect, die “actieve” vennoot is in een vennootschap van onroerende diensten:
1° moet vermijden zich in een situatie te plaatsen bij de uitoefening van zijn eigen beroepsactiviteit waarbij hij geconfronteerd wordt met een belangentegenstelling tussen de vennootschap van onroerende diensten en haar cliënt. Zodra het bijgevolg vaststaat dat de cliënt van de vennootschap van onroerende diensten een toelating tot bouwen wil aanvragen, moet de architect, wanneer er daartoe beroep op hem wordt gedaan, de verplichtingen naleven die zijn vastgelegd in de deontologische regel met betrekking tot de verplichte tussenkomst van de raadgevende architect;
2° zal onmiddellijk ontslag nemen als vennoot en elke activiteit binnen de vennootschap van onroerende diensten stopzetten, indien aan de bepalingen van artikel 3, § 3, 3•, niet wordt voldaan;
3° moet aan de provinciale Raad, waaronder hij ressorteert, elk document bepaald in artikel 3, § 3, 2•, overmaken.

§ 2.
Plichten van de architect, “niet actieve” vennoot:
De architect, “niet actieve” vennoot, mag niet deelnemen aan het beheer van de vennootschap van onroerende diensten. Hij kan echter wel houder zijn van aandelen of deelbewijzen van de vennootschap van onroerende diensten.
Hij mag, derhalve, geen activiteit als architect voor deze vennootschap uitoefenen. Hij mag evenmin op geen enkele manier zijn aandelen of deelbewijzen aanwenden om eender welk professioneel voordeel te verkrijgen, hetzij van de vennootschap zelf, hetzij van haar cliënt of nog van andere personen die enig belang hebben in het nastreven van het statutair voorwerp van de vennootschap van onroerende diensten.

Art. 5 Verplichtingen van de architect met betrekking tot de statuten van de vennootschap van onroerende diensten

§ 1.
De toelating om toe te treden tot een vennootschap van onroerende diensten in oprichting of tot een reeds bestaande vennootschap van onroerende diensten is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de conformiteit van haar statuten met de onderhavige deontologische regel. Deze goedkeuring wordt gegeven door de provinciale Raad op wier tableau de architect, die als vennoot wil deelnemen, ingeschreven is.
Om goedgekeurd te kunnen worden moeten deze statuten daarenboven uitdrukkelijk vermelden dat:
1° de activiteiten van de vennootschap derwijze zullen worden uitgeoefend dat de vennoten met de titel van architect, integraal alle wettelijke, reglementaire en deontologische bepalingen betreffende het beroep van architect kunnen naleven, onder meer wat de onverenigbaarheden en de onafhankelijkheidsverplichting betreft;
2° dat de architecten niet ondergeschikt zijn aan de vennootschap van onroerende diensten en zullen optreden onder eigen verantwoordelijkheid en dit onverminderd de aansprakelijkheid van deze vennootschap van onroerende diensten tegenover haar cliënten;
3° noch de hoofdzetel, noch de activiteitszetel van de vennootschap van onroerende diensten mogen zijn of behouden blijven in een gebouw waar de hoofdzetel of de activiteitszetel van een promotor, een aannemer of een vastgoedhandelaar, lid of vennoot van de vennootschap van onroerende diensten, gevestigd zijn.

§ 2.
Elke wijziging van de statuten van een vennootschap van onroerende diensten waaraan een architect als actieve vennoot deelneemt, zal onmiddellijk aan de bevoegde provinciale Raad worden meegedeeld. De architect moet, zoals voorzien in artikel 4, § 4,1.2., een einde maken aan zijn deelname, indien deze wijziging als niet conform met deze deontologische regel wordt beschouwd.

Art. 6 Beslissingen van de Raad van de Orde met betrekking tot de statuten

De Raad van de Orde bij wie een aanvraag tot goedkeuring of erkenning van wijziging aanhangig wordt gemaakt moet zijn beslissing kenbaar maken binnen drie maanden (de maanden juli en augustus niet meegerekend) vanaf de dag waarop de betrokken statuten tegen ontvangstbewijs werden opgestuurd of neergelegd. In geval deze termijn niet wordt gerespecteerd kan de architect zich vrijgesteld achten van de voorafgaande goedkeuring of erkenning, evenwel zonder dat zulks afbreuk doet aan zijn deontologische aansprakelijkheid.

Art. 7 Praktische schikkingen

Deze deontologische regel treedt in werking op 31 maart 1992.